Verzuimbeleid



Doelgroep

Leidinggevenden en zij die belast zijn met taken op het gebied van begeleiding bij ziekteverzuim.

Intro

De laatste jaren is de verzuimproblematiek meer en meer onder de aandacht gekomen. Enerzijds doordat het verzuim hoog was, anderzijds doordat de wetgeving de verantwoordelijkheid nadrukkelijk heeft neergelegd bij de werkgever.

Verzuimbeleid is een verplicht onderdeel geworden van het ARBObeleid. Verzuimbegeleiding heeft in dit beleid een steeds grotere plaats gekregen.

Het besef is er dat de juiste aandacht voor de zieke medewerker de terugkeer kan bespoedigen, maar ook veel duidelijkheid kan geven over wat er eventueel in en om de werkplek van de verzuimende medewerker zou moeten gebeuren om meer verzuim te voorkomen.

Verzuimbegeleiding, veronderstelt dat diegene die daarmee wordt belast, beschikt over kennis van zaken en een aantal vaardigheden om deze taak effectief te kunnen uitvoeren. In de training Verzuimbegeleiding worden de deelnemers in staat gesteld hun kennis op peil te brengen en zich de benodigde vaardigheden eigen te maken.

Doelen van de training

Inhoud

Achtergronden van ziekteverzuim waarbij onder meer wordt ingegaan op onderscheid in zwart, grijs en wit verzuim en oorzaken van verzuim. Verzuimbeleid waarbij aandacht wordt besteed aan de mogelijkheden om het verzuim te beïnvloeden. Doelen van de verzuimbegeleiding zoals bespoedigen herstel en terugkeer, preventie en voorkomen van recidieven. De communicatieve opdracht van de verzuimbegeleider waarbij ingegaan wordt op de omstandigheden waarin de gesprekspartner zich bevindt en die van invloed zijn op de te voeren gesprekken. Het onderscheid in verzuimgesprekken bij de ziekmelding, tijdens de afwezigheid, reïntegratie en werkhervatting. Vaardigheidstraining waarbij geleerd wordt de behandelde aspecten in praktijk te brengen.

Werkwijze

De inhoud van de training en de duur en omvang wordt in overleg met de opdrachtgever(s) vastgesteld. Op basis van het hierboven beschreven pakket gaan we uit van vijf bijeenkomsten in een periode van tien weken. De theorie wordt behandeld en verwerkt door middel van praktijkopdrachten. Dat maakt het mogelijk om steeds stukjes theorie met de praktijk te integreren.

De eerste drie bijeenkomsten bestaan ieder uit een dagdeel. De laatste twee, waarin met name de gesprekstraining plaatsvindt, duren een dag. Bij de gesprekstraining wordt gebruik gemaakt van audiovisuele middelen en acteurs